Nieuws

Charles Bigelow in Antwerpen

Charles Bigelow, pro­fes­sor Graphic design aan het Rochester Institute of Technology en let­te­ron­twer­per (let­ter­type Lucida, Charles Bigelow en Kris Holmes) kwam naar Antwerpen op uit­no­di­ging van het Plantin Instituut voor Typografie en het VIGC (Vlaams Innovatiecentrum voor Grafische Communicatie) op woen­s­dag 14 maart, 15 maart en 16 maart 2012. Hij hield lezin­gen (zie hie­ron­der) voor de stu­den­ten van de Expert clas­ses Typografie en Vormgeving, Expert class Type design, Expert class Book design, stu­den­ten Vlaamse hoge­scho­len, alumni en vri­en­den van het insti­tuut. De lezin­gen von­den pla­ats in het audi­to­rium van het insti­tuut, Museum Plantin-Moretus/Prentenkabinet te Antwerpen.

Does Print Size Matter for Reading?

A review of fin­dings from
vision sci­ence and typo­gra­phy’ by Gordon E. Legge and Charles A. Bigelow
Discussion on dif­fe­rent clas­ses of type­fa­ces for books, news­pa­pers, and digi­tal scre­ens, to explain how design and size are rela­ted to the func­ti­ons and media of text.
http://​www​.jou​r​na​lo​fvi​sion​.org/​c​g​i​/​c​o​n​t​e​n​t​/​a​b​s​t​r​a​c​t​/​1​1​/​5/8

Evolution of Typographic Meaning.

A brief his­to­ri­cal sur­vey of the evo­lu­tion of type­face fami­lies
from the Italian Renaissance to the 21st century.

Eco-Fonts: a study of typo­gra­phy sustainability.

Effects of typo­gra­phy and type design on ink and paper usage
in aca­de­mic the­ses.
http://​taga​.rit​.edu/​2​0​11/
[go to web url, click on ‘Sustainable by Design’; then the paper appe­ars, go to the bot­tom and click on ‘Download PDF’.] (This is a report of a study by RIT stu­dents about eco­lo­gi­cal issues in typography.)

DIgital Kiksht: digi­tal typo­gra­phy and American Indian literature.

Use of digi­tal typo­gra­phy to revive lost lite­ra­ture in an extinct Native
American language.

Measurement of Typographic Expressiveness.

Atmospherevalue, con­no­ta­tion, and con­ge­ni­a­lity in type forms.

ver­dere publi­ca­ties van Charles Bigelow, waa­ron­der:
‘The design of a Unicode font’
http://​cajun​.cs​.nott​.ac​.uk/​w​i​l​e​y​/​j​o​u​r​n​a​l​s​/​e​p​o​b​e​t​a​n​/​p​d​f​/​v​o​l​u​m​e​6​/​i​s​s​u​e​3​/​b​i​g​e​l​o​w​.​pdf

Plantin blogt

Dé blog van stu­den­ten en oud-studenten van het Plantin Instituut voor Typografie. Iedereen is uit­ge­no­digd om de blog mee leven­dig en actu­eel te houden.

plan​tin​blogt​.tum​blr​.com

TOP

Kunsttijdschrift Vlaanderen

De novem­be­re­di­tie 2011 van Kunsttijdschrift Vlaanderen staat in het teken van het boek met als titel ‘Een boek is een huis — heden­da­agse Vlaamse boe­kar­chi­tec­tuur’. Er werd onder meer een belang­rijk arti­kel over het Plantin Instituut voor Typografie gepu­bli­ce­erd. Download hier het arti­kel.

TOP

Academische Zitting Op de aca­de­mi­sche zit­ting wer­den de diploma’s uit­ge­re­ikt aan de afges­tu­de­er­den van de Expert clas­ses Typografie en vorm­ge­ving (Rebekka Baumann, Meindert Peirens, Joke Vermeiren, Anke Broeren, Maaike Beuten, René Kuijpers, Sang Vandenbosch en Lien Van den Eynde) en de Expert class Type design (Ann Bessemans, Stijn Cremers, Peter Cuypers, Henrik Kubel, Peter Van Lancker, Hans van Maanen, Jan Neyens, Mario Schellingerhout, Anne Verlent en Jeroen Visser). Jo de Baerdemaeker was de gast­s­pre­ker op de aca­de­mi­sche zit­ting in sep­tem­ber 2011 met als refe­raat ‘Meertalige typo­gra­fie, een har­mo­ni­euze dia­loog tus­sen ver­schil­lende schrijf­sys­te­men’. De pla­quette werd tij­dens van zijn refe­raat werd voor­ges­teld tij­dens de nieu­wja­ar­sre­cep­tie van het insti­tuut op 28 janu­ari 2012.

TOP

Onderzoek

Docenten en afges­tu­de­er­den aan het Plantin Instituut voor Typografie geven inzage in hun onder­zo­e­kswerk en publiceren

Frank Blokland

PhD can­di­date, Leiden University Senior Lecturer, Royal Academy of Art, The Hague Promotieonderzoek Harmonics, Patterns, and Dynamics in Formal Typographic Representations of the Latin Script. The regu­la­ri­za­tion, stan­dar­di­za­tion, sys­te­ma­ti­za­tion, and uni­ti­za­tion of roman type since its Renaissance ori­gin until the Romain du Roi. De vraag waa­rop dit pro­mo­ti­e­on­der­zoek aan de Universiteit Leiden (pro­mo­tor: Prof. dr. A.H. van der Weel) een antwo­ord moet geven, is of de har­mo­ni­eën, patro­nen, en dyna­mi­e­ken van de for­mele grafe­e­m­sys­te­men die voor het Latijnse schrift in gebruik zijn sinds de uitvin­ding van de boe­kdrukkunst, moge­lijk (gro­ten­de­els) het resul­taat zijn van het stan­da­ar­dis­e­ren en sys­te­ma­ti­se­ren van het pro­duc­ti­e­pro­ces van rena­is­san­cis­ti­sche druklet­ters (eeu­wen voor­dat iets der­ge­lijks werd gedo­cu­men­te­erd tij­dens de pro­duc­tie van de acht­ti­ende eeu­wse Romain du Roi). De stel­ling is dat de har­mo­ni­e­leer van grafe­e­m­sys­te­men, de regels voor de typo­gra­fie en de hier­mee samen­han­gende con­di­to­ne­ring (het mythi­sche ‘oog’ van de let­te­ron­twer­per) *altijd* rela­tief zijn aan de gebru­i­kte grafe­e­m­sys­te­men (model­doc­trine). In het geval van het Latijnse schrift wer­den de grafe­e­m­sys­te­men gefor­ma­li­se­erd en gefix­e­erd door de vro­ege Italiaans-renaissancistische stem­pel­snij­ders, met name door Nicolas Jenson en Francesco Griffo, en hun arche­ty­pes ston­den model en vor­m­den –direct of indi­rect– de maat­s­taf voor latere vari­an­ten, zoals die van Claude Garamont, Christoffel van Dijck, en Jan van Krimpen. In het pro­e­f­schrift wor­den alle facet­ten van de har­mo­ni­e­leer van de for­mele repre­sen­ta­ties van het Latijnse schrift beschre­ven. Tevens omvat het pro­mo­ti­e­on­der­zoek de ontwi­kke­ling van sof­tware voor zowel het gepa­ra­me­tri­se­erd letter­ont­werpen, als voor voor het gepa­ra­me­tri­se­erd ana­ly­s­e­ren van let­ter­ty­pen en (digi­tale) typografie.

Ann Bessemans

Ann Bessemans (°1983) has a MA in gra­phic design (Provinciale Hogeschool Limburg). She works as a rese­arch assis­tant and a lec­tu­rer (mas­ter stu­dio Letters in de Ruimte) at PHL. Bessemans’ PhD pro­ject (Leiden University, University of Hasselt in asso­ci­a­tion with PHL) is a first attempt at brid­ging the gap between font desig­ners and cog­ni­tive sci­en­tists stu­dy­ing the legi­bi­lity of let­ter cha­rac­ters. The ulti­mate goal of this PhD pro­ject is to design a font that can reduce the rea­ding pro­blems of chil­dren with low vision. In the con­text of this pro­ject she was gran­ted a scho­lar­ship by Microsoft Corporation USA ClearType & Avanced Reading Technologies. She also works as a gra­phic desig­ner, for instance for the series of mono­gra­phs Vlees & Beton/Voids & Borders publis­hed by the University of Ghent depart­ment of archi­tec­ture and urban plan­ning. She has pre­sen­ted papers on seve­ral occa­si­ons both in Belgium and abroad. Her rese­arch inte­rests include the inter­re­la­ti­ons between image & word, typo­gra­phy, font design, gra­phic design and book design.

TOP

Letter-Kunde

Typografische ver­za­me­ling Patrick Goossens. Een unieke pri­véver­za­me­ling ver­za­meld met lie­fde voor de typo­gra­fie van meer dan 96 druk­per­sen, vanaf 1840, let­ter­gi­et­ma­chi­nes, let­terkas­ten en allerhande gra­fi­sch mate­ri­aal, een museum op zichzelf.

PROJEKT LETTER-KUNDE Problematiek en toe­kom­stvi­sie gra­fi­sche col­lec­tie. Wat der­tig jaar gele­den werd begon­nen met het opzet­ten van een ‘pri­vate press’ te Antwerpen star­tende met een tra­p­de­gel en een ijze­ren han­d­pers is nu uit­ge­gro­eid tot een zeer repre­sen­ta­ti­eve tech­ni­sche col­lec­tie van XIX e eeu­wse hoog­druk relic­ten. De insteek van ver­wer­ving werd als snel geba­se­erd op een his­to­ri­sche inslag en min­der op de aan­vanke­lijke doel­stel­ling als , ‘drukker in de marge’. Vertrekkende van een vroeg XIXe eeu­wse hou­ten han­d­pers (gebouwd door Gouy, Bruxelles)over de geko­pi­e­erde ijze­ren han­d­per­sen naar Brits model, tot de laat­ste model­len van sto­p­ci­lin­ders door de firma Jullien, staat er in Antwerpen nu een sta­al­ka­art van pro­dukti­e­ap­pa­ra­ten ver­gezeld van hun bui­ten­lan­dse voor­be­el­den. Daarnaast werd niet voor­bij­ge­gaan aan de pro­duktie van let­ter­ma­te­ri­aal door het bije­en­bren­gen van , hand­gi­e­tvor­men, een loo­d­pomp, een ‘Bruce’pivotal cas­ter, ‘Foucher’ giet­ma­chi­nes tot de laatst gepro­du­ce­erde ‘Kuco’s’. Ook de afwerkingsma­chi­nes voor matrijzen als de matrijzen zelf ont­bre­ken niet. Daarnaast is ook de ganse evo­lu­tie van de zet­sel­gi­et­ma­chi­nes repre­sen­ta­tief voor­ges­teld gaande van de vro­ege Linotype over de Typograaf naar de Intertype en de Monotype. Allerlei ran­dap­pa­ra­tuur maakt het geheel nog ruimer.

Heden en toe­komst. Momenteel is de ver­za­me­ling in een embry­o­nale ops­tel­ling reeds door ver­schil­lende spe­ci­a­lis­ten uit bin­nen– en bui­ten­land bezocht doch een open­stel­ling voor het alge­mene publiek is door de spe­ci­fi­ci­teit van de bije­en­ge­brachte voor­wer­pen waar­schijn­lijk niet wen­se­lijk. Bovendien vol­doen de hui­dige Belgische musea volop aan deze beho­e­fte. Na sug­ges­ties van ver­schil­lende bezo­e­kers wer­den er herha­al­de­lijk aan het con­cept wij­zi­gin­gen aan­ge­bracht, die zeker nog niet in een ein­d­fase zijn geko­men. Het pro­ject inven­ta­ri­sa­tie en beschrijving is volop aan de gang en zou wen­se­lijk ges­to­eld moe­ten wor­den op wat elders in België met de gra­fi­sche col­lec­ties opgezet werd om tot uni­for­mi­teit te komen. Het bij elkaar gebrachte mate­ri­aal over­lapt uite­ra­ard een groot deel van wat elders reeds aanwe­zig is, maar het naast elkaar staan van de ver­sche­i­dene model­len, die soms sle­chts in enkele tech­ni­sche details ver­schil­len, spo­ort aan tot stu­die van de evo­lu­tie van de machi­ne­bouw. De inven­ta­ri­sa­tie en beschrijving valt samen met de aan­ge­vatte stu­die over de ‘Belgische meca­ni­ci­ens’ die zich voor­na­me­lijk in en rond Brussel, maar ook te Antwerpen bevon­den. De aanwe­zige ‘HARDWARE’ kan hier­bij bijzon­der goed als lei­draad dienen.Het pro­ject voor de toe­ko­e­mst houd in dat de moge­lijkheid tot bezoek verho­ogd zou moe­ten wor­den, voor zij die dit wen­sen, en dat voor­wer­pen uit de col­lec­tie zou­den kun­nen gebru­ikt wor­den als aan­vul­ling voor tij­deljke ten­to­on­stel­lin­gen. Reeds nu werd het mate­ri­aal ingezet ter onder­ste­u­ning van ver­schil­lende pro­je­kten van andere gra­fi­sche col­lec­ties. Mee kun­nen nadenken over het ver­dere behoud van ons gra­fi­sch ver­le­den en de pro­je­kten die er zou­den kun­nen uit­gro­e­ien is een van de uit­da­gin­gen. Daarnaast is een aan­zet gege­ven om een gede­elte van het mate­ri­aal ter beschi­kking te stel­len van gra­fici opdat zij opni­euw op his­to­ri­sch veran­two­orde manier de ‘hoogdruk’zouden her-ontdekken. Dat dit dan weer aans­luit bij wat der­tig jaar gele­den de oor­spronke­lijke opzet was is mooi mee­ge­no­men. Daar alles opges­teld staat in de ‘Letterkundestraat’ te Antwerpen lag de naam ‘LETTER-KUNDE’ voor de hand. Met de uitvo­e­ring van deze plan­nen hopen wij een besche­i­den ste­en­tje te kun­nen bijdra­gen aan het behoud van het gra­fi­sch erf­goed in België.

TOP

ATypI Hong Kong 2012

Voor de eer­ste maal in de 56-jarige geschi­e­de­nis van de ATypI, wordt de jaar­lijkse con­fe­ren­tie gehou­den in Hong Kong. Dit con­gres gaat door tus­sen 10 en 14 okto­ber 2012 i.s.m. de School of Design of the Hong Kong Polytechnic University. Het thema voor dit jaar: typo­gra­fie in rela­tie tot diver­si­teit en meer­ta­li­gheid. Lees ver­der…

TOP

In memo­riam Godfried Ridder Lannoo

Godfried (Tielt 7 mei 1927–24 mei 2012) was een van de eer­ste stu­den­ten aan het pas opge­richte Plantin Genootschap van 1951–1953. Als uit­ge­ver was hij bezi­eld om goede en mooie typo­gra­fie in zijn uit­ga­ven te bren­gen. Niet te ver­won­de­ren dat hij de typo­gra­fie van Jan van Krimpen en de uit­ga­ven van A.A.M. Stols ten zeer­ste waar­de­erde. Telkenmale als hij de gele­gen­heid had, legde Godfried er de nadruk op dat hij, dank zij het Plantin Genootschap, de uit­ge­ve­rij kon bogen ste­eds bij de best ver­zorgde boe­ken te beho­ren. De Uitgeverij Lannoo gro­e­ide uit tot het omvan­grijkste uit­ge­versbe­drijf in Vlaanderen.

Toen het Plantin Genootschap, onder­broken in 1974, terug in leven werd gero­e­pen, heeft hij actief deel­ge­no­men aan het pro­gramma en inhoud van de cur­sus­sen. Als onder­vo­or­zit­ter van de raad van bes­tuur was zijn enthou­si­asme geble­ven voor goede typo­gra­fie. Godfried drong er op aan dat per­so­ne­el­sle­den van de eigen stu­dio de cur­sus­sen zou­den vol­gen. We zou­den Godfried kun­nen ver­ge­lijken met Christoffel Plantin. Het beste kon nog altijd ver­be­terd worden.

In 1996 werd hij door koning Albert II in de adel­stand verhe­ven tot Ridder; zijn wapen­s­preuk luidde ‘Den lande en volk getrouw’. Ook konin­gin Beatrix van Nederland ver­le­ende Godfried in 2003 met het ere­te­ken Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Op 8 okto­ber 2008 nam hij ont­s­lag in de raad van bes­tuur. Uit erke­n­te­lijkheid voor zijn ver­di­en­ste op gebied van de typo­gra­fie in Vlaanderen en zijn inzet voor het Plantin Genootschap, ver­le­ende het insti­tuut hem het Laureaatschap Honoris Causa. Deze titel werd voorheen uit­ge­re­ikt aan Carl De Schutter, Fernand Baudin, Herman Liebaers (oud Grootmaarschalk) en prof. em. dr. H.D.L. Vervliet. Godfried Ridder Lannoo waar­de­erde uiter­mate deze onderscheiding.

TOP